Onlangs kreeg ik de gelegenheid om in een middelbare school in Chiang Rai enkele lessen Engels te geven. Het begon allemaal heel toevallig te lopen: na een conversatie met een tiener die in de school les volgt, bracht die me in contact met een van de lesgevers Engels daar. Die wilde maar al te graag dat een westerling, en dan zeker een docent Engels, enkele gastlessen zou komen geven. Liefst van al zou hij me ter plekke een job hebben aangeboden voor de rest van mijn verblijf in Thailand, maar dat zat er niet in: ik heb immers geen werkvergunning hier, en bovendien laat mijn loopbaanonderbreking niet toe dat ik een job uitoefen.
Uiteindelijk kwamen we overeen dat ik zes uur les zou geven: telkens twee uur in het vierde, vijfde en zesde jaar, in de 'major English'. We vonden het best dat ik me zou concentreren op het gesproken Engels, want op dat vlak hebben de Thai het meeste problemen. De uitspraak van het Engels is heel moeilijk voor mensen die ten eerste een moedertaal met een compleet andere klankstructuur hebben, ten tweede in een onderwijstraditie zitten waarin weinig aandacht wordt besteed aan een goede uitspraak van het Engels, en ten derde weinig in contact komen met gesproken Engels. Ze zijn dan ook gewend om Engelse woorden 'op zijn Thai' uit te spreken, waarbij ze gewoon de Thaise uitspraakregels op het Engels toepassen. Zo kent men in het Thai bijvoorbeeld geen /s/, /l/ of /f/-klanken op het eind van een syllabe of een woord, maar worden die klanken automatisch omgezet in /t/, /n/ of /p/ of gewoon weggelaten. Plofklanken worden ook niet volledig uitgesproken op het eind van een syllabe of woord; voor wie iets van fonetiek kent: de occlusie is er wel, maar de opheffing van de occlusie niet. En de meeste Thai vervangen /r/ door de band door /l/. Enkele voorbeelden: 'five' wordt ongeveer als 'faai' uitgesproken, 'best' als 'be(t)', 'rice' wordt 'laai', 'Raf' wordt 'la(p)', enzovoort. Het is dan ook vaak zo, dat de uitspraak de grootste barrière is voor de Thai om Engels op een verstaanbare manier te gebruiken. Soms zijn er mensen die wel een behoorlijke kennis van het Engels hebben, maar die je toch nauwelijks kan begrijpen.
Maar goed – terug naar het eigenlijke onderwerp. Op een maandag stond ik dan in een simpel leslokaal voor een vijfentwintigtal vierdejaars, die vol verwachting uitkeken naar hun les Engels van een westerling. Tot mijn grote verbazing riep de klasverantwoordelijke 'stand up, please!' en zei de hele klas dan in koor: 'Good morning, teacher!', terwijl ze respectvol de traditionele Thaise groet brachten, de 'wai', met de handpalmen tegen mekaar naar het aangezicht gebracht. Daarop bleven ze allemaal rechtstaan, en wachtten tot ik zei dat ze mochten gaan zitten.
Het werd een aangename les, maar de leerlingen hadden het moeilijk om me te verstaan als ik ook maar even van het meest eenvoudige Engels afweek. Vaak begrepen ze een vraag eerst als ik die op het bord schreef – een duidelijk bewijs dat gesproken Engels hier stiefmoederlijk wordt behandeld. Ik prees me gelukkig dat ik af en toe iets in het Thai kon vertalen om zo duidelijk te maken wat ik bedoelde. Het spreken ging zo mogelijk nog moeilijker voor de leerlingen. Het is trouwens ook zo dat het Thai een taal is die voor ons altijd al als compact wordt ervaren (bijvoorbeeld omdat er geen koppelwerkwoord wordt gebruikt, en iets als 'Dit huis is mooi' eigenlijk als 'huis mooi' wordt verwoord) en dan door de Thai vaak nog eens wordt verkort in de dagelijkse omgangstaal. Zo worden persoonlijke voornaamwoorden vaak weggelaten als er geen verwarring mogelijk is. Maar de Thai hebben ook de neiging om die 'regels' ook in het Engels toe te passen, waardoor ze vaak echt een soort 'pidgin English' spreken.
De leerlingen waren echter heel enthousiast, en deden erg hun best. Ik probeerde hen af en toe wat uitspraak bij te brengen, en drukte hen op het hart dat die uitspraak heel belangrijk is, als ze tenminste willen begrepen worden door westerlingen. Bij het eind van de les, toen duidelijk was dat ik had afgesloten, riep de klasverantwoordelijke weer 'Stand up, please!', en de leerlingen riepen allemaal: 'Thank you, teacher; see you again next time.'
De volgende dagen kwam ik dan ook in het vijfde en het zesde jaar, en de evolutie in de luistervaardigheid was duidelijk merkbaar. De spreekvaardigheid was ook beter in de hogere jaren, maar niet in dezelfde mate als de luistervaardigheid. Het enthousiasme was telkens even groot, en ook de beleefde begroetings- en afscheidsformule bleven dezelfde.
De tweede dag, toen mijn les tijdens de eerste twee lesuren viel, stond me nog een verrassing te wachten. Ik was natuurlijk goed op tijd op school, en alle leerlingen van de hele school (zo'n achthonderd) stonden nog op het grote grasveld voor de school in rijen te luisteren naar een toespraak van de directeur. Dat is een dagelijks gebeuren in middelbare scholen in Thailand. Toen de lesgever Engels me opmerkte, kwam hij naar me toe en vertelde me dat hij me aan de hele school wilde voorstellen; of ik dan enkele woorden wilde zeggen aan de hele groep? Enkele momenten later stond ik daar dan, met de microfoon in de hand, me voor te stellen, eerst even in het Thai, en dan in het Engels... Toen de leerlingen achteraf dan allemaal naar hun klassen gingen, speelde de brass band van de school nog met volle overtuiging een opgewekt deuntje.
Die drie dagen in die middelbare school waren een onvergetelijke ervaring, die ik voor geen geld had willen missen.
No comments:
Post a Comment